Dinsdag 13 januari 2026, commissie Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS)




Agenda

1.Vaststellen agenda


2.36416

Initiatiefwetsvoorstel-Paternotte en Bevers Afschaffing verbod op het doen ontstaan van embryo's

Beslispunt

Welke procedure wenst de commissie ten aanzien van dit initiatiefvoorstel te volgen:

  • te volstaan met een blanco verslag (geen vragen of opmerkingen, afdoen als hamerstuk of na stemming) of
  • te volstaan met een verslag onder voorbehoud van plenaire behandeling (geen schriftelijke behandeling, wel een mondelinge), dan wel
  • een datum te bepalen voor het leveren van inbreng voor een verslag.

Toelichting

  • Het initiatiefvoorstel is op 16 december 2025 aangenomen door de Tweede Kamer; er zijn drie amendementen aangenomen (zie bijgevoegd stemmingsoverzicht).

    Het wetsvoorstel heft het verbod op het creëren van embryo’s speciaal voor wetenschappelijk onderzoek op. Doel van dit wetsvoorstel is om meer ruimte te bieden aan wetenschappelijk onderzoek naar embryo’s en het verbeteren van de voortplantingsgeneeskunde, door wetenschappelijk onderzoek met speciaal daarvoor tot stand gebrachte embryo’s toe te staan.

Internetconsultatie


Procedure

3.Jaarrapportages afbreking zwangerschap (Wafz)

Verslag schriftelijk overleg (30371, H)

Beslispunt

  • Geeft het verslag schriftelijk overleg (30371, H) aanleiding tot nader schriftelijk overleg en zo ja, wanneer of wenst u de brief van 16 december 20 december 2025 voor kennisgeving aan te nemen?

Toelichting

  • Op 24 oktober 2025 heeft de staatssecretaris Jeugd, Preventie en Sport (JPS), conform toezegging T03465, de jaarrapportage Wafz 2024 aangeboden, opgesteld door de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd (IGJ) (30371/35737, G).
  • Blijkens de aangeboden rapportage werden in 2024 in totaal 39.438 zwangerschapsafbrekingen uitgevoerd, 106 meer dan in 2023. De IGJ jaarrapportage omvat alleen kerncijfers, maar geeft geen toelichting of duiding. Het is om die reden niet mogelijk om conclusies te trekken over mogelijke oorzaken van (veranderingen in) het aantal zwangerschapsafbrekingen of andere kerncijfers.
  • De commissie besloot op 28 oktober jl. de status van toezegging T03465 als 'voldaan' aan te merken.
  • Op 11 november 2025 is door de leden van de fracties van de SP, Volt, Fractie-Visseren-Hamakers, D66, GroenLinks-PvdA en de PvdD gezamenlijk en door de leden van de fractie van de SGP inbreng geleverd voor schriftelijk overleg. De antwoorden staan vandaag ter bespreking geagendeerd (verslag schriftelijk overleg 30371, H).

Bespreking verslag schriftelijk overleg

4.Toezegging T04032 - Verkenning pilot afslankmedicatie voor groepen met een lage sociaaleconomische status

Beslispunt

  • Kunt u ten aanzien van toezegging T04032 instemmen met het advies op blz. 5-7 in het bijgevoegde ambtelijk memo (toezegging als voldaan aanmerken)?

Toelichting

  • Betreft: Toezegging T04032: Bezaan (PVV)- Verkenning pilot afslankmedicatie voor groepen met een lage sociaaleconomische status (36600 XVI)
  • Naar aanleiding van de bespreking van het Toezeggingen- en motierappel 2025 op 9 december jl. besloot de commissie deze toezegging aan te houden en opnieuw te agenderen voor de volgende commissievergadering. In het ambtelijk memo bij de bespreking op 9 december (bijgevoegd) is geadviseerd de status van toezegging T04032 als voldaan aan te merken.

5.Afwegingskader en overige ontwikkeling investeringsmodel preventie

Brief van de staatssecretaris Jeugd, Preventie en Sport van 16 december 2025 (32793, R)

Beslispunt

  • Geeft de brief van 16 december 2025 (32793, R) aanleiding tot het stellen van vragen of wenst u deze brief voor kennisgeving aan te nemen?

Toelichting

  • De Eerste Kamer heeft van vorige brieven over het investeringsmodel preventie afschriften ontvangen.
  • Naar aanleiding van de commissiebrief van 5 november 2025 (32793, Q) met het verzoek de Eerste Kamer periodiek te blijven informeren over de ontwikkelingen van het investeringsmodel, ontvangt de Kamer nu geen afschrift maar een brief; ontvangen op 16 december 2025 (32793, R).
  • Zie ook: Uitstelbrief verkenning 'vervuiler betaalt' tabaks- en nicotine industrie (32011/32793, ...) van 8 januari 2026, opgenomen onder Mededelingen en informatie, onderdeel C.

6.Beroep op uitzonderingsgrond artikel 2.25, tweede lid, Comptabiliteitswet 2016 | Veegbrief VWS 2025

Brieven van de minister van VWS van 15 december 2025 (36800 XVI, C en 36800 XVI, D)

Beslispunt

  • Geven deze brieven aanleiding tot schriftelijk overleg of wenst u ze voor kennisgeving aan te nemen?

Toelichting

  • Omdat de behandeling van de VWS-begroting 2026 in beide Kamers is uitgesteld naar 2026 en er nog geen goedkeuring is op het aangaan van nieuw beleid zal terughoudend moeten worden omgegaan met het uitvoeren van staand beleid. Dit heeft gevolgen voor enkele beleidsdossiers. In zijn brief van 15 december 2025 (36800 XVI, D) licht de minister van VWS voor deze dossiers gemotiveerd toe waarom sprake is van spoedeisend belang die hem ertoe noopt om vooruitlopend op de goedkeuring van de VWS-begroting 2026 deze beleidsdossiers toch tot uitvoering te brengen en er verplichtingen op aan te gaan. Door middel van deze brief doet hij een beroep op artikel 2.25, tweede lid, Comptabiliteitswet 2016 voor de dossiers:

    (a) Structurele versterking infrastructuur WOII,

    (b) Delen van het Hoofdlijnenakkoord Ouderenzorg en

    (c) Invoering van de European Disability Card.

  • Op grond van artikel 2.25, tweede lid, van de Comptabiliteitswet 2016 dient de minister de Staten-Generaal vooraf te informeren over een uitzonderingsgeval waarbij er sprake is van spoedeisend belang waardoor uitstel van het in uitvoering nemen van de in de begroting voorzien nieuw beleid niet in het belang van het Rijk is.
  • Op 15 december 2025 heeft de minister van VWS tevens de VWS-Veegbrief 2025 aangeboden (36800 XVI, C) .
  • Vooruitlopend op de agendering van vandaag zijn deze brieven op de dag van ontvangst - maandag 15 december 2025 - ter informatie per mail aan de leden van de commissie aangeboden.
  • De commissie VWS in de Tweede Kamer heeft op 17 december jl. de brief over de uitzonderingsgrond artikel 2.25, tweede lid, CW 2016 (TK 36800 XVI, 23) voor kennisgeving aangenomen.

Bespreking

7.E250021

Werkprogramma 2026 van de Europese Commissie

Beslispunt

Wenst uw commissie (clusters van) voorstellen voor te dragen voor het Europees Werkprogramma van de Eerste Kamer 2026?

Aanleiding

Op 21 oktober 2025 is het nieuwe Werkprogramma (WP2026) van de Europese Commissie gepubliceerd: Het onafhankelijkheidsmoment voor Europa. Dit programma bevat de plannen van de Commissie voor nieuwe wetgeving en beleid in 2026. Op basis van het werkprogramma van de Commissie stelt de Eerste Kamer elk jaar haar eigen Europees werkprogramma op (art. 109-110 reglement van orde).

De Europese Commissie publiceert wekelijks nieuwe beleidsinitiatieven en wetsvoorstellen. De nieuw gepubliceerde voorstellen worden opgenomen in een overzicht onder het agendapunt 'mededelingen en informatie' van elke commissievergadering en worden wekelijks per e-mail verspreid. De leden kunnen de nieuw gepubliceerde voorstellen in de betrokken commissie voor behandeling aan de orde stellen.

Het Europees Werkprogramma van de Eerste Kamer is een lijst met Europese voorstellen die de Kamer het komende jaar met prioriteit wil behandelen. De voorstellen op deze lijst worden daarom bij publicatie automatisch in de commissies geagendeerd. Het werkprogramma stelt ook de regering, de Europese Commissie en andere parlementen in staat om kennis te nemen van de prioriteiten van de Eerste Kamer.

Zie voor meer achtergrond en werkprogramma's van voorgaande jaren: Europese werkwijze van de Eerste Kamer der Staten-Generaal.

Meerderheidsbesluitvorming in Kamercommissies

Fracties hadden tot 17 december 2025 de gelegenheid om (clusters van) voorstellen uit het WP2026 voor te dragen voor selectie door de Kamercommissies. De door de fracties aangeleverde prioritaire dossiers, voorzien van motivering, zijn opgenomen in 2 annexen met de voor 2026 te verwachten Europese voorstellen op het terrein van uw commissie.

Annex I bevat die voorstellen uit het WP2026 die nieuw zijn. Annex II bevat evaluaties en geschiktheidscontroles die bestaande wetgeving eenvoudiger of duidelijker moeten maken.

Het is aan de commissie om ter vergadering bij meerderheidsbesluitvorming te besluiten of, en zo ja welke voorstellen, zij uit Annex I en II als prioritair wenst voor te dragen.

De prioriteiten van alle Kamercommissies samen worden via de vaste commissie voor Europese Zaken doorgeleid naar de plenaire vergadering, waar het als het Europees werkprogramma van de Eerste Kamer wordt vastgesteld.

De Kabinetsappreciatie van het WP2026 is aan dit agendapunt toegevoegd. Op basis daarvan krijgt u inzicht in de positie van de regering ten aanzien van de verschillende voorstellen.

De Tweede Kamer voert momenteel gelijktijdig de procedure voor de selectie van haar Europese prioriteiten uit.



8.Mededelingen en informatie

A - Aanwijzing NZa inzake de beschikbaarheidbijdrage (medische) vervolgopleidingen 2026 (voorhangprocedure NIET gevolgd)

  • Ten aanzien van deze aanwijzing aan de NZa is de in artikel 8 van de Wet marktordening gezondheidszorg (Wmg) voorgeschreven voorhangprocedure overgeslagen. In plaats van de voorhangprocedure heeft de minister van VWS de Kamers op dinsdag 16 december 2025 per brief (29282, H) geïnformeerd over de aanwijzing aan de NZa zoals hij die heeft vastgesteld en die op 17 december 2025 is gepubliceerd (Stcrt. 2025, 44257).
  • Voorhangprocedure: Op grond van de in artikel 8 van de Wmg dient de zakelijke inhoud van een voorgenomen aanwijzing aan de NZa gedurende 30 dagen te worden voorgehangen bij beide Kamers der Staten-Generaal.
  • Volgens de toeliching op de vastgestelde aanwijzing heeft de minister, gezien de grote financiële gevolgen voor opleidende zorgaanbieders, de opleidingscontinuïteit die mogelijk in gevaar komt en het feit dat deze aanwijzing gevolg geeft aan de uitspraak van het College van Beroep voor het bedrijfsleven (CBb) van 14 oktober 2025, er bewust voor gekozen de voorhangprocedure in dit geval niet te volgen. Het CBb oordeelde dat er voor 2026 en verder geen bevoegdheid is zowel voor de minister als voor de NZa om een verdeeloverzicht vast te stellen voor de beschikbaarheidbijdrage (medische) vervolgopleidingen. De minister is enkel bevoegd om verdeelcriteria en de totale aantallen per opleiding vast te stellen, zoals in de vastgestelde aanwijzing wordt gedaan. Deze aanwijzing vormt daarmee de grondslag voor 2026 en verder.
  • In de aanbiedingsbrief wijst de minister er op dat het van groot belang is dat de NZa haar regelgeving voor 1 januari 2026 heeft aangepast aan de nieuwe situatie zoals die met de vastgestelde aanwijzing ontstaat. Zonder de aanwijzing kan de beschikbaarheidbijdrage (medische) vervolgopleidingen voor 2026 niet toegekend worden door de NZa. Het betreft de verdeling over de opleidende zorgaanbieders van in totaal € 1.4 miljard per jaar voor de medische vervolgopleidingen dat voor 80% wordt bevoorschot.
  • In de beslisnota wordt er op gewezen dat het van belang is de procedures van de Wmg te volgen. Opgemerkt wordt dat er een heel beperkt aantal precedenten is waarin een aanwijzing niet volgens de voorgeschreven procedure is voorgehangen. Volgens de beslisnota blijkt uit de jurisprudentie dat dit niet leidt tot ongeldigheid van de aanwijzing ten opzichte van de NZa (uitspraak gerechtshof Den Haag 27-11-2012 ECLI:NL:GHSGR:2012:BY4151, r.o. 4). De minister is geadviseerd geen verkorte voorhangprocedure te volgen, waarbij de Kamers gedurende een aantal dagen in de gelegenheid worden gesteld om te reageren. Als reden om dat niet te doen wordt genoemd dat elke reactie de tijdige invoering zal belemmeren en direct zal leiden tot financiële risico's bij zorgaanbieders.
  • Op grond van artikel 6 van de op 17 december 2025 gepubliceerde aanwijzing dient de NZa met ingang van 1 januari 2026 ter uitvoering van deze aanwijzing beleidsregels vast te stellen. Deze beleidsregels tot wijziging van de Beleidsregel beschikbaarheidbijdrage (medische) vervolgopleidingen 2026 is door de NZa vastgesteld op 22 december 2025 en op 2 januari 2026 gepubliceerd in Stcrt. 2026, 67 (bijgevoegd).
  • Tijdens de procedurevergadering VWS van de commissie VWS in de Tweede Kamer op 17 december 2025 is besloten de minister van VWS te verzoeken om een feitenrelaas m.b.t. de gekozen processtappen alsmede antwoord op de vragen waarom de Kamer niet eerder is geïnformeerd en waarom de aanwijzing niet eerder aan de Kamer is gezonden (Reactie minister VWS op 8 januari 2026 aan de Tweede Kamer gestuurd: TK 29282, 620 - bijgevoegd). De brief van 16 december (TK 29282, 617) is tijdens de procedurevergaderiing van 17 december jl. voor kennisgeving aangenomen.
  • De commissie VWS in de Tweede Kamer bespreekt de brief over het feitenrelaas etc. (TK 29282, 620) tijdens de procedurevergadering van 14 januari 2026.

B - Landelijke nota gezondheidsbeleid 2025 – 2028 | Samen werken aan gezondheid (LNG 2025-2028)

Per brief van 12 december 2025 (32793, P) heeft de staatssecretaris Jeugd, Preventie en Sport de Landelijke nota gezondheidsbeleid aangeboden | Samen werken aan gezondheid (LNG 2025-2028 ) aangeboden. De nota moet op grond van artikel 13 vand de Wet publieke gezondheid elke vier jaar worden vastgesteld en is in de kern gebaseeerd op de Volksgezondheid Toekomst Verkenning van het RIVM (VTV-2024 | Kiezen voor een gezonde toekomst). De LNG 2025-2028 beoogt gemeenten, GGD'en en de regionale en lokale partners te inspireren en houvast te bieden voor het regionale en lokale gezondheidsbeleid dat op zijn minst even belangrijk is als het landelijke. De wet vraagt binnen twee jaar na het uitkomen van deze landelijke nota om een lokale reflectie op de landelijke prioriteiten via een nota gemeentelijk gezondheidsbeleid. De nota is in samenspraak met de VNG en GGDGHOR Nederland tot stand gekomen.

C - Uitstel verkenning 'vervuiler betaalt' tabaks- en nicotine industrie

Naar aanleiding van toezegging T04031 (Informeren over mogelijke inzet tabaks- en kansspelinkomsten voor preventie ) heeft de staatssecretaris van Jeugd, Preventie en Sport via een uitstelbrief laten weten dat de toegezegde termijn om de Kamer te informeren over de uitkomsten van de uit te voeren verkenning naar de haalbaarheid van het financieel verantwoordelijk stellen van de tabaks- en nicotine-industrie voor de gezondheidsschade die voortvloeit uit het gebruik van hun producten, alsmede voor de kosten voor preventie, niet haalbaar is. Volgens de brief van 8 januari 2026 (32011/32793, I) vraagt de verkenning om zorgvuldige interdepartementale afstemming die meer tijd vergt dan aanvankelijk voorzien. Om die reden verwacht de staatssecretaris dat zij de Kamer in het eerste kwartaal van dit jaar kan informeren over de opbrengsten van de verkenning.

D - Staat van de uitvoering: Jeugdzorg en Wmo

In december 2025 zijn in het kader van de Staat van de Uitvoering de volgende onderzoeken gepubliceerd:

E - Link naar de agenda van de eerstvolgende procedurevergadering van de vaste commissie voor Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) in de Tweede Kamer

Link: procedurevergadering VWS (14 januari 2026)





9.Rondvraag


10.Ter herinnering: openstaande correspondentie en wetgevingsverslagen commissie VWS

  • Hieronder is een overzicht van de openstaande correspondentie weergegeven (dit betreft brieven en wetgevingsverslagen).
  • Een overzicht van wetsvoorstellen die bij de commissie voor Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) in (schriftelijke) behandeling zijn, is via deze LINK te raadplegen.
  • Een overzicht van VWS-wetsvoorstellen in behandeling bij de Tweede Kamer is te raadplegen via deze LINK.

Overzicht openstaande correspondentie en wetgevingsverslagen

Verzonden

Onderwerp + link

Reactietermijn

Toelichting

CORRESPONDENTIE:

     

2025-11-05

SO - Financiering forensich medisch onderzoek na seksueel geweld;

Link brief: 36600 XVI

2025-12-03

 

2024-10-25

SO - Uitkomst bestuurlijk overleg register zorgfraude;

Link brief: 28828

na afronding bestuurlijk overleg

 

WETGEVING:

     

2017-03-14

Voorlopig verslag - initiatiefvoorstel Leijten, Slootweg en Ploumen Verbod op winstuitkering door zorgverzekeraars (34522); Link voorlopig verslag: 34522, B

n.v.t.

De commissie VWS heeft op 13 juni 2017 besloten, conform het verzoek van de initiatiefnemers (34522, G), dit initiatiefvoorstel aan te houden in afwachting van de aangekondigde novelle. Deze novelle is op 13 juli 2018 ingediend bij de Tweede Kamer (34995 → Tweede Kamerleden Dijk, Krul en Bushoff (TK 34995, 4))

2026-01-09