Senaat steunt bewaren biometrische gegevens vreemdelingen



De Eerste Kamer debatteerde dinsdag 24 februari met minister Van den Brink van Asiel en Migratie over een wetsvoorstel dat ervoor zorgt dat het na 1 maart 2026 mogelijk blijft om vingerafdrukken en gezichtsopnames van vreemdelingen af te nemen, te verwerken en in de vreemdelingenadministratie op te slaan. De Kamer stemde vervolgens over het wetsvoorstel. De fracties van Volt, ChristenUnie, CDA, SGP, D66, FVD, VVD, PVV, JA21, BBB, Fractie-Van de Sanden, 50PLUS en Fractie-Beukering stemden voor het wetsvoorstel. De fracties van GroenLinks-PvdA, SP, PvdD en Fractie-Visseren-Hamakers stemden tegen het wetsvoorstel. De OPNL-fractie en de Fractie-Walenkamp waren afwezig.


'Eens, maar nooit weer'

Tijdens het debat bleek dat de senatoren zeer ontevreden waren over de spoed waarmee het wetsvoorstel moest worden behandeld. Pas op 18 februari ontving de Eerste Kamer een verzoek van de toenmalig minister van Asiel en Migratie om het voorstel voor 1 maart af te handelen. Daardoor was er onvoldoende ruimte om het wetsvoorstel zorgvuldig te bespreken, eerst in de commissie en vervolgens in een plenair debat, zoals dat normaal gebeurt. 'Eens, maar nooit weer,' zeiden de Kamerleden eensgezind. De minister erkende dat het proces geen schoonheidsprijs verdient: 'Ik begrijp het belang van een zorgvuldig proces en hoop dat het niet nog een keer zal gebeuren.'


Structureel of tijdelijk

Ook inhoudelijk hadden de Kamerleden nog vragen. Zo ging het over het verdwijnen van de horizonbepaling waardoor de tijdelijkheid van de eerdere wet vervalt. In het wetsvoorstel waarover vandaag is gestemd, worden de bevoegdheden van de verwerking van persoonsgegevens door onder andere de Immigratie- en Naturalisatiedienst (IND) structureel. Het gaat daarbij in het bijzonder om het bewaren van biometrische gegevens. Als de huidige wet zou verlopen per 1 maart zouden alle biometrische gegevens van vreemdelingen moeten worden vernietigd.

Door het noemen van een vervaldatum was er sprake van een tijdelijkheid van het bewaren, in de nieuwe wet is die datum er niet. Dat stuitte bij een aantal fracties op grote bezwaren. Zij vroegen de minister dan ook om toe te zeggen dat hij zo snel mogelijk een nieuw wetsvoorstel indient waarin weer een horizonbepaling, anders gezegd een einddatum, is opgenomen. Minister Van den Brink zegde dit toe: 'Mijn inzet is om het nieuwe wetsvoorstel voor de zomer bij de Tweede Kamer in te dienen.' In het nieuwe wetsvoorstel zal alleen de horizonbepaling worden genomen, zei de minister.


Registratie persoonsgegevens

Het debat ging ook over de manier waarop in de praktijk met biometrische gegevens wordt omgegaan. Volgens de Raad van State en de Autoriteit Persoonsgegevens blijven gegevens soms langer aanwezig dan toegestaan, zijn interne controle en naleving onvoldoende inzichtelijk en sluit de feitelijke praktijk van gegevensverwerking niet altijd aan bij de wettelijke waarborgen die juist bedoeld zijn om deze gevoelige gegevens te beschermen. De senatoren wilden weten hoe dit wetsvoorstel en het toegezegde wetsvoorstel zich verhouden tot de grondrechten, en privacy en de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG) in het bijzonder. De minister zegde toe om bij de toelichting van het nieuwe voorstel in te gaan op deze punten.


Motie

Er is over een motie gestemd:

  • De motie-Karimi c.s. over de verwerking van biometrische gegevens in CATCH-vreemdelingen. De motie is verworpen.

Over het wetsvoorstel

In de huidige wettelijke situatie zal op 1 maart 2026 (aanstaande zondag) deze bevoegdheid komen te vervallen waardoor de biometrische gegevens van vreemdelingen niet meer afgenomen en verwerkt mogen worden. Ook zullen alle gezichtsopnames en vingerafdrukken die in de vreemdelingenadministratie zijn opgenomen worden vernietigd.

De regering wil met dit wetsvoorstel de nationale bevoegdheid in stand houden en vernietiging voorkomen. Biometrie speelt volgens het kabinet een cruciale rol in de identiteitsvaststelling van vreemdelingen door de hoge mate van nauwkeurigheid en betrouwbaarheid. Identiteitsfraude wordt daardoor vrijwel onmogelijk.