Dit wetsvoorstel bevat de begroting van uitgaven en ontvangsten voor het jaar 2019 van het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid.
De Tweede Kamer heeft het voorstel (EK, B) op 4 december 2018 aangenomen.
Voor: SP, PvdA, GroenLinks, DENK, 50PLUS, D66, VVD, SGP, CDA, ChristenUnie, PVV en FVD.
Tegen: PvdD.
De Eerste Kamer heeft het voorstel op 18 december 2018 als hamerstuk afgedaan. De PvdD-fractie is daarbij aantekening verleend.
Op 26 mei 2020 debatteerde de Eerste Kamer met de staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid over de uitvoering van de motie-Kox (SP) c.s. over het komen tot een reductiedoelstelling ten einde de armoede onder kinderen structureel te verlagen (EK 34.775, D). Tijdens dit debat is de eerder aangehouden motie-Kox (SP) c.s. over armoede onder kinderen (EK 35.000, C) door de indiener ingetrokken.
De commissies voerden op 21 januari 2020 een mondeling overleg met de staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid over de reductiedoelstelling kinderarmoede.Van het mondeling overleg zijn een woordelijk verslag (EK 35.300 XV / 35.300 IV, E herdruk) en een videoverslag beschikbaar.
ingediend
18 september 2018titel
Vaststelling van de begrotingsstaten van het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (XV) voor het jaar 2019schriftelijke voorbereiding
ondertekening
inwerkingtreding
Deze wet treedt in werking met ingang van 1 januari van het onderhavige begrotingsjaar. Indien het Staatsblad waarin deze wet wordt geplaatst, wordt uitgegeven op of na deze datum van 1 januari, treedt zij in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van dat Staatsblad en werkt zij terug tot en met 1 januari.